Van positiespel tot afwerken: voetbaloefeningen voor middenbouw jeugdspelers
Jeugd & Talentontwikkeling

Van positiespel tot afwerken: voetbaloefeningen voor middenbouw jeugdspelers

Wil je jouw JO15-team sneller, slimmer en technisch sterker maken? Deze blog biedt praktische trainingsvormen van dynamische warming-up tot afwerken onder tijdsdruk, met veel small-sided games, 1-tegen-1, positiespel en snelheid/agility. Je krijgt een heldere weekopbouw, periodisering en blessurepreventie, plus varianten voor verschillende niveaus en groeifases – direct toepasbaar op het veld.

Doelen en aandachtspunten voor JO15-trainingen

Doelen en aandachtspunten voor JO15-trainingen

Bij JO15 leg je de basis voor voetballen onder hoge druk: techniek op tempo én slimme keuzes. Tegelijk bewaak je de belastbaarheid van spelers die vaak midden in een groeispurt zitten.

  • Wat spelers van 13-15 jaar nodig hebben: technische handelingen op wedstrijdtempo (eerste aanname, passen kort/lang, 1-tegen-1 aanvallend en verdedigend) gekoppeld aan spelintelligentie (waarheen spelen, wanneer druk zetten, hoe omschakelen); veel balcontacten via small-sided games; differentiëren in niveau en maturiteit (vroege/late rijpers) met aangepaste rollen, coaching en intensiteit.
  • Hoe je je week en seizoen opbouwt: werk met duidelijke weekdoelen en thema’s (bijv. opbouwen via de zijkant, hoog druk zetten) en vertaal die naar spelvormen; bewaak een logische opbouw in micro- en mesocycli. Voorbeeldweek: ma techniek + positiespel, wo snelheid/afwerken + small-sided games, vr teamtactiek/standaardsituaties, za wedstrijd, zo herstel en evaluatie.
  • Blessurepreventie en belastbaarheid: start altijd met een dynamische warming-up; bouw intensiteit op in blokken; wissel korte, felle spelvormen af met technische herstelmomenten; monitor minutenbelasting en signalen van groeipijn; gebruik simpele check-ins (RPE, slaap, stijfheid) om tijdig bij te sturen.

Zo ontwikkel je JO15-spelers die onder druk de juiste keuze maken zonder overbelasting. Houd trainingen spelgericht, simpel en meetbaar.

Wat spelers van 13-15 jaar nodig hebben

In deze leeftijdsfase hebben je spelers vooral structuur, uitdaging en veel herhalingen in wedstrijdrealistische situaties nodig. Door groeispurts wisselen coördinatie en belastbaarheid, dus je bouwt op met dynamische warming-up, loopcoördinatie en lichte kracht met eigen lichaamsgewicht, gecombineerd met mobiliteit voor heup, knie en enkel. Technisch leg je de nadruk op eerste aanname in tempo, passing over verschillende afstanden, dribbelen en 1-tegen-1 aanvallend én verdedigend.

Tactisch train je scannen, keuzes onder druk, pressing-triggers en omschakelen via positiespel en small-sided games zodat iedereen veel balcontacten heeft. Mentaal hebben ze autonomie, duidelijke doelen en directe, positieve feedback nodig. Buiten het veld stimuleer je herstelgewoontes zoals slaap, hydratatie en voeding, en je differentieert in niveau en maturiteit om elk talent tot zijn recht te laten komen.

Hoe je je week en seizoen opbouwt (inclusief voorbeeldweek)

Je verdeelt het seizoen in blokken van 4-6 weken met een helder thema, waarin je de trainingsprikkel stap voor stap verhoogt en elke vierde week bewust lichter maakt. Binnen de week (microcyclus = je weekplanning) werk je van herstel naar piek en terug naar rust. Voorbeeldweek: maandag herstel en techniek in lage intensiteit, woensdag intensieve small-sided games en afwerken in tempo, vrijdag teamtactiek met spelhervattingen en korte sprints, zaterdag wedstrijd, zondag rust of korte mobiliteit.

Houd rekening met school en groeispurts, beperk totale trainingsduur tot 75-90 minuten en zorg dat 60-70% bal- en spelvormen zijn. Monitor belasting simpel met een inspanningsscore van 1-10 en stuur volume bij. Plan elke 8-10 weken een evaluatiemoment met concrete doelen per speler en team.

Blessurepreventie en belastbaarheid

Bij JO15 draait blessurepreventie om slim doseren en sterke basisbewegingen. Je start elke training met een dynamische warming-up die mobiliteit, stabiliteit en activatie combineert: enkels, knieën, heupen, core en schoudergordel. Daarna verwerk je simpele neuromusculaire drills zoals landingen, richtingsveranderingen en versnellingen met goede techniek. Bouw sprint-, sprong- en schotvolume geleidelijk op en vermijd pieken: verhoog weekbelasting hooguit stap voor stap en plan af en toe een lichtere week.

Door groeispurts verandert belastbaarheid snel, dus je checkt elke speler kort op stijfheid of pijntjes en past rollen of veldafmetingen aan. Integreer preventieve oefeningen in je vormen: enkelstabiliteit, heup- en hamstringkracht (bijv. bruggen, nordic varianten) en rompcontrole. Monitor vermoeidheid met een eenvoudige inspanningsscore en slaapvragen. Tot slot: varieer ondergrond, zorg voor voldoende herstel tussen intensieve dagen en laat techniek altijd de intensiteit dicteren, niet andersom.

[TIP] Tip: Plan blokken: warming-up, techniek, positiespel, afwerken, 7v7 onder tijdsdruk.

Warming-up en loopcoördinatie

Warming-up en loopcoördinatie

Maak JO15-spelers klaar voor snelheid, richtingswissels en duelkracht met een progressieve warming-up. Koppel mobiliteit en activatie aan loopcoördinatie en balgevoel.

  • Dynamische mobiliteit en activatie: enkels, heupen en bovenrug losmaken; core en heupstabilisatoren activeren. Cues: knieën en enkels in lijn, zachte landingen, sterke armactie en rechte romp.
  • Loopcoördinatie en agility zonder bal: kniehef en hak-bil, A-skips, laterale passages en kruispassen. Gebruik coördinatieladder of pionpatronen; focus op ritme, korte grondcontacten, rustige bovenlichaamshouding en precieze voetplaatsing. Voeg 2-3 korte acceleraties/deceleraties van 10-15 m toe.
  • Integratie met bal en snelheid: dribbels in variabel tempo en richting, pas-en-volg en 1-2’s; dribbel + kap/draai + versnellen. Sluit af met 2-3 sprints van 10-20 m met reactiestimulus (kleur/geluid) en één richtingswissel.

Werk van gecontroleerd naar snel en laat kwaliteit boven volume gaan. Zo verlaag je het blessurerisico en start je direct scherp aan de volgende oefenvorm.

Dynamische warming-up met en zonder bal

Je start met een korte algemene fase om je hartslag te verhogen en gewrichten soepel te maken: wandelen naar dribbelen, dribbelen naar rustig lopen met gecontroleerde kniehef en armactie. Daarna activeer je core en heupstabilisatoren met dynamische bewegingen zoals walking lunges en heupopeners, en voeg je simpele loopcoördinatie toe via A-skips (ritmische kniehef met korte grondcontacten) of een korte coördinatieladder voor ritme en voetplaatsing.

Vervolgens maak je het voetbal-specifiek met de bal: dribbels in wisselend tempo, pas-en-volg en een lichte rondo om oriëntatie en eerste aanname te prikkelen. Sluit af met 2-3 progressieve acceleraties van 10-20 meter en één gecontroleerde rem- of draaisituatie. Houd techniek scherp: stabiele romp, knie over de teen, ontspannen schouders, en doseer sprongen bij groeispurts.

Snelheid en agility (coördinatieladder en korte sprints)

Je traint snelheid bij JO15 vooral in de eerste passen en in snelle richtingswissels, met kwaliteit boven volume. Gebruik de coördinatieladder (vloerlader voor voetwerk) voor korte, strakke patronen zoals één of twee voeten per vak en laterale in-out, met focus op korte grondcontacten, actieve armactie en de voet onder je heup. Koppel hierna korte sprints van 5-15 meter aan verschillende starts: voorover kantelen, zijwaarts, of op een prikkel zoals kleur, pass of fluitsignaal.

Bouw agility in met gecontroleerd afremmen en draaien van 45-90 graden. Rust royaal tussen herhalingen (ongeveer 20-40 seconden) zodat je elke sprint maximaal uitvoert. Let tijdens groeispurts extra op techniek en doseer sprongen. Vertaal het daarna naar spel: sprinten na kaats, instappen op pressing en direct weer oriënteren.

[TIP] Tip: Start met dynamische skips en versnellingen, 3 sets van 20 meter.

Techniekgerichte voetbaloefeningen JO15

Techniekgerichte voetbaloefeningen JO15

Onderstaande tabel vergelijkt vier kernvormen voor techniekgerichte voetbaloefeningen bij JO15, inclusief doel, organisatie en concrete coachingpunten met progressies.

Oefening Doel/skills Organisatie (JO15-proof) Coachingpunten & progressies
Rondo 4v2 Passen/aannemen onder druk, scannen, positioneren 6 spelers; vak ca. 10×10 m; 1 bal; max. 2x raken buiten Open draaien, lichaamsstand half-open, derde man. Progressie: 5v2, 1x raken, extra joker binnen/buiten.
Passing Diamond (derde man) Strakke passing, eerste aanname naar voren, timing loopacties 5-8 spelers; ruit met 12-15 m tussen hoeken; 2-3 ballen; vaste looplijnen Vooractie-wegtrekken, pass in voet/ruimte, communicatie. Progressie: 1x raken waar kan, toevoegen kaats in de as of overlap.
1-tegen-1 dribbleduel Balbeheersing, versnellen na actie, schijn- en kapbewegingen Paren; corridor ca. 12×8 m; 2 kleine doelen of poorten; start met passieve -> actieve verdediger Lage houding, bal aan buitenvoet, tempo- en ritmewisseling. Progressie: 2v2, meerdere poorten, tijdslimiet (5-7 s).
Afwerken onder tijdsdruk Snel beslissen, eerste aanraking richting doel, afwerking met beide voeten 6-10 spelers; zone ca. 20×25 m richting groot doel + keeper; 2-3 stations of 1-2 passieve verdedigers; schieten binnen 3-4 s Kijken vóór aanname, bal klaarleggen, zuiverheid boven kracht. Progressie: 1x afwerken, rebound spelen, actieve verdediger (2v1/1v1+schot).

Kern: combineer per training 1-2 vormen voor passing/positie en 1-2 voor dribbel/afwerken, verhoog geleidelijk de weerstand en verlaag het aantal baltoetsen. Focus voortdurend op scannen, tempo en uitvoering onder druk.

Je bouwt techniek bij JO15 op rond drie pijlers: eerste aanname in tempo, zuivere passing met beide voeten en 1-tegen-1 oplossingen in kleine ruimtes. Start met vormen die veel balcontacten geven en keuzes afdwingen, zoals rondo’s (4v2/5v2) en passing-diamonds met kaats, openen en verleggen van spel. Leg de nadruk op scannen vóór de bal komt, lichaamspositie halfopen en de eerste touch richting vervolgactie. Varieer constraints om kwaliteit te prikkelen: maximaal twee aanrakingen, spelen op tijdsignaal, scoren na X passes of verplicht openen naar de andere kant.

Werk 1-tegen-1 zowel aanvallend (schijnbeweging, versnelling, afschermen) als verdedigend (lichaamshouding, afstand, wachten) en vertaal dit naar 2-tegen-1 en 3-tegen-2 om keuzes onder druk te trainen. Sluit blokken af met afwerken in wedstrijdtempo: instarten na pass, bal mee in de loop, afronden met binnen- en wreeftrap. Houd herhalingen kort en scherp (60-90 seconden), geef directe technische cues en differentieer veldgrootte en weerstand zodat elke speler net buiten zijn comfortzone werkt zonder techniek te verliezen.

Passen en aannemen (rondo en passing diamond)

Met een rondo (klein positiespel met overtal) laat je je spelers onder druk passen, scannen en de eerste aanname richting vervolgactie meenemen. Je coacht op halfopen lichaamshouding, kijken over je schouder vóór de bal komt en stevig passtempon met de voet onder je heup. Varieer met twee-aanrakingen, één-aanraking na een kaats en verplicht openen naar de tegenoverliggende zijde om spelverlegging te stimuleren.

In de passing diamond (vierhoek) oefen je strakke diagonalen, kaatsen en derde-man-lopen: speler A speelt in op B, B kaatst op A of C, en de derde man komt vrij in de ruimte. Wissel links/rechts, verklein of vergroot het veld en laat aannemen met de buitenste voet om open te draaien. Zo koppel je zuiverheid, timing en communicatie aan echte wedstrijddruk.

Dribbelen en 1-tegen-1 varianten

Bij JO15 richt je dribbelen op balcontrole in tempo, ritmewissels en het lezen van de verdediger, zodat je in 1-tegen-1 echt verschil maakt. Je coacht op een laag zwaartepunt, korte aanrakingen met de buitenkant en de bal net buiten de voet om direct te kunnen versnellen, plus scannen vóór je actie zodat je de ruimte achter de tegenstander ziet. Bouw varianten op van geen weerstand naar passieve en daarna actieve verdediging: poortjes om te passeren, smalle corridors met eindzone en afsluiten met een schot of pass.

Gebruik simpele schijnbewegingen zoals inside-out, buitenkant-drag en schaar, altijd gevolgd door een explosieve eerste pas. Verdedigend train je houding, afstand en het sturen naar de zwakke kant. Wissel links/rechts af en differentieer veldgrootte om keuzes en timing te scherpen.

Afwerken op doel onder tijdsdruk

Je traint afwerken bij JO15 het best met duidelijke prikkels die keuzes en tempo afdwingen. Werk met een korte shot clock van 3-4 seconden, een achtervolgende verdediger of een startcommando dat onverwacht komt, zodat je leert scannen vóór je aanname. Focus op eerste touch uit je voeten, halfopen staan en direct beslissen: binnenkant geplaatst in de verre hoek, wreef diagonaal laag, of stuitbal richting korte hoek als de keeper zakt.

Varieer aanloophoeken, afstanden en aanlevering (strak over de grond, bounce, terugleggertje) en dwing ook je ‘mindere’ voet af. Coach op plantvoet naast de bal, heupen over de bal en doordraaien na het schot voor rebounds. Laat je loop doorlopen voor tweede ballen en rotaties, zodat je afwerking wedstrijdecht en herhaalbaar wordt.

[TIP] Tip: Scan voor eerste aanraking; speel vooruit in driehoekjes.

Tactische en wedstrijdgerichte vormen

Tactische en wedstrijdgerichte vormen

Bij JO15 maak je tactiek tastbaar door spelprincipes te trainen in wedstrijdachtige vormen met veel prikkels en duidelijke doelen. Start met positiespel om spelintelligentie te ontwikkelen: balcirculatie versnellen, de derde man vinden, en steeds halfopen staan om vooruit te kunnen spelen. Leg simpele, dwingende spelregels vast zoals scoren pas na verleggen, één keer terug naar de keeper verplicht, of punten voor het doorsteken door een linie, zodat je diepte en switchen beloont. In small-sided games werk je aan pressing en restverdediging: teamcompactheid, kantelen naar de balzijde, triggers herkennen (slakke aanname, rug naar doel) en direct omschakelen bij balverlies of -winst.

Oefen opbouwen onder druk met een extra neutrale speler tussen de linies en leer je backs herkennen wanneer ze breed blijven, overlappen of juist binnendoor komen. Varieer veldafmetingen, overtallen en speeltijd om tempo, keuzes en communicatie te sturen, en koppel altijd een meetbaar doel zoals passes door de as of herwonnen ballen op de helft van de tegenstander. Door structuur aan te brengen in deze vormen ontwikkel je herkenning, automatismen en zelfvertrouwen, waardoor je spel van training naar wedstrijd naadloos meeneemt.

Positiespel en spelintelligentie

Met positiespel train je spelintelligentie door constant de beste oplossing te vinden op basis van ruimte, tijd en medespelers. Je coacht op scannen vóór, tijdens en na je aanname, halfopen lichaamshouding en het bezetten van breedte en diepte zodat je steeds driehoekjes en ruitjes om de bal hebt. Richt je op het creëren van overtal: numeriek (extra man), positioneel (tussen de linies) of kwalitatief (je beste 1-tegen-1).

Beloon de derde-man-oplossing, verleggen na druk en splitpasses door een linie. Varieer veldvorm en contactbeperking om tempo en nauwkeurigheid te prikkelen, en laat je team zonder bal slim bewegen: fixeren aan één kant om de andere kant vrij te spelen, in- en uit de schaduw van de tegenstander komen, en altijd een speelbare rugdekking houden voor balzekerheid en snelle omschakeling.

Small-sided games met spelregels

Met small-sided games (3v3 t/m 6v6) laat je spelers veel acties maken én stuur je gedrag met simpele spelregels. Je kiest een veld dat compact genoeg is voor duels maar breed genoeg om te verleggen, en koppelt regels aan je doel: scoren pas na een kantwissel, bonuspunt voor balverovering op de helft van de tegenstander, of binnen vijf seconden omschakelen na balwinst. Werk met neutrale jokers om opbouwen te helpen of juist met overtal in de laatste zone om diepte te forceren.

Beperk aanrakingen in bepaalde vakken om tempo en scannen te prikkelen en geef punten voor splitpasses door een lijn. Houd blokken kort met volledige intensiteit en plan korte rust, zodat je techniek onder druk scherp blijft en je team leert herkennen wanneer het versnelt, vertraagt of meteen herorganiseert.

Teamtactiek: druk zetten, opbouwen en omschakelen

Druk zetten begint met duidelijke triggers (een slappe aanname, pass terug, rug naar ons doel) en compact staan: je schuift als team naar de balzijde, sluit passinglijnen met je schaduw en dwingt naar de zijkant. Bij opbouwen gebruik je de keeper als extra man, creëer je driehoeken (bijv. 3+1) en kies je bewust: door, om of over de tegenstander. Coach op halfopen staan, derde-man-lopen en tempo in de eerste twee passes.

Omschakelen win je met afspraken: vijfseconden-regel voor tegenpressing, direct diepte bij balwinst en restverdediging (organisatie achter de bal) die counters opvangt met minimaal twee spelers plus een controleur. Vertaal dit naar small-sided games met punten voor ballen veroverd hoog of voor het doorsteken door een linie, zodat je principes automatisch terugziet in de wedstrijd.

Veelgestelde vragen over voetbal oefeningen jo15

Wat is het belangrijkste om te weten over voetbal oefeningen jo15?

Bij JO15 draait het om gestructureerde ontwikkeling: periodiseer week en seizoen, bewaak belastbaarheid tijdens groeispurt, start met dynamische warming-up, combineer techniek (passen, dribbelen, afwerken) met positiespel en small-sided games, en integreer spelintelligentie, plezier en blessurepreventie.

Hoe begin je het beste met voetbal oefeningen jo15?

Start met behoefteanalyse en eenvoudige nulmeting. Plan voorbeeldweek: dynamische warming-up, coördinatieladder en sprints, rondo/passing diamond, 1-tegen-1, afwerken onder tijdsdruk, small-sided game met regels, cooling-down. Monitor groei, RPE en minutes-played; verhoog belasting stapsgewijs.

Wat zijn veelgemaakte fouten bij voetbal oefeningen jo15?

Veelgemaakte fouten: te weinig opwarming en loopcoördinatie, te hoge belasting tijdens groeispurt, lange wachtrijen en weinig balcontacten, eentonige drills zonder beslissingen, geen duidelijke spelregels, ontbreken van herstel/monitoring, te weinig koppeling techniek-tactiek en positiespecifieke context.

Comments Off on Van positiespel tot afwerken: voetbaloefeningen voor middenbouw jeugdspelers